Posts tonen met het label Neutral Milk Hotel. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Neutral Milk Hotel. Alle posts tonen

dinsdag 20 mei 2014

[review] Neutral Milk Hotel (15.05)


De naam Neutral Milk Hotel zal niet bij iedereen een belletje doen rinkelen maar voor een grote groep mensen staan ze hoog aan het rockfirmament. In de jaren 90 bracht de band twee cd’s en een EP uit, waarvan In the Aeroplane under the Sea wordt gezien als klassieker in het folk-rock genre. De plaat met iconische hoes wordt gezien als een tekstuele parel, met teksten die geïnspireerd zijn door Anne Frank en de Tweede Wereldoorlog in het algemeen, maar ook raakvlakken hebben met het leven van nu. In 1998 stopte de band en zanger Jeff Mangum speelde sporadisch nog wat solo-optredens. Maar nu is er dus een reünie, tot grote vreugde van vele liefhebbers over de hele wereld. In 2011 werd Ferris Wheel on Fire uitgebracht, met enkele heruitgaven en rariteiten en het was afwachten totdat de Amerikanen de oversteek zouden maken. 24 Mei speelt de band op Le Guess Who May Day in Utrecht, vanavond is Belfast aan de beurt.

Het voorprogramma, Laetitia Sadier van Stereolab, weet niet te overtuigen, dus wordt snel de aandacht verlegd naar de hoofdact van de avond. De start is fenomenaal: de als een zwerver uitziende Jeff Mangum (die heel onopvallend via de zaal naar de backstage kon lopen) speelt in zijn eentje het prachtige, intense Two Headed Boy – wat door het publiek met veel enthousiasme meegezongen wordt. Jeff is erg goed bij stem, al kan zijn stemgeluid gecategoriseerd worden als ‘je moet er van houden’. Maar dat hij met enorm veel emotie zingt zal door niemand ontkend worden.
Aan het einde van het nummer betreedt de rest van de band het podium en gaat het helemaal los bij The Fool. Het publiek wordt pas echt wild als Holland, 1945 wordt ingezet waarbij opvalt hoe ontzettend goed Jeremy Barnes kan drummen – het lijkt alsof hij een diepe haat koestert en dit botviert op zijn instrument. Uiteindelijk sneuvelen er vanavond meerdere setjes drumstokken. Ieder bandlid speelt minstens drie verschillende instrumenten, waaronder tuba, trombone, accordeon en zingende zaag.

Opvallend is dat het publiek minstens zo enthousiast is over de nummers van het onbekendere en minder sterke album On Avery Island. Nummers als A Baby for Pree en Everything Is worden uit volle borst (en vol passie) meegezongen door het Ierse publiek. De liedjes van In the Aeroplane over the Sea steken er toch duidelijk bovenuit, wat het duidelijkst wordt bij de titeltrack van de cd. “How strange it is to be anything at all”… het bezorgt menigeen kippenvel.

Het is ook apart om een zaal vol jonge mensen (de meesten hebben waarschijnlijk de band in de afgelopen jaren ontdekt) keihard “I love you Jesus Christ” mee te horen zingen tijdens The King of Carrot Flowers Parts Two and Three. Het spelplezier spat van het podium, de constant lachende en springende bassist/accordeonist/zingende-zaag-speler is zo enthousiast dat het haast onmogelijk is om zónder grote grijns naar dit concert te kijken. De trombonist/gitarist/trompettist zingt ondertussen vrijwel alles mee, iets wat Jeremy Barnes ook doet (tenminste, als hij niet buiten adem is na alweer een onnavolgbare drumpartij).

Eén van de hoogtepunten van de show is het hartverscheurende Oh Comely, dat tergend langzaam opbouwt naar een climax die zelfs de meest koude cynist raakt. “I know they buried her body with others/ Her sister and mother and 500 families/ And will she remember me 50 years later/ I wished I could save her in some sort of time machine

Als een na laatste nummer in de toegift wordt Two-Headed Boy Pt.2 gespeeld, net als deel 1 grotendeels solo door Jeff Mangum. Ook dit nummer is een pareltje, met een prachtige tekst.

And in my dreams you're alive and you're crying,
As your mouth moves in mine, soft and sweet,
Rings of flowers 'round your eyes
And Ill love you for the rest of your life when you're ready


Gevoelsmatig lijkt dit een perfecte afsluiter, maar de band keert terug voor het schitterende Engine, waarbij één van de drie aanwezige zingende zagen een prominente rol speelt. Onder een orkaan van applaus verlaat de band het podium, op weg naar het volgende Europese concert. Dit was een avond om nooit te vergeten!

Een muzikale trip!

Ik ben gisteren teruggekomen van een korte vakantie door Noord-Ierland. Ik heb een aantal jaar geleden een tijdje in Belfast gestudeerd en sindsdien ben ik er zo dol op dat ik minstens 1x per jaar terugga. Dit keer ging ik met een kaartje voor Neutral Milk Hotel in mijn tas, een band die ik al heeeel lang heeeeel erg goed vind en waarvan ik nooit had durven dromen ze ooit eens live te gaan zien. Ze spelen trouwens 24 mei in Utrecht (Le Guess Who May Day), met o.a. the War on Drugs. Geen slecht affiche! Maar voor mij niet echt handig, dus ik was erg blij ze in mijn favoriete stad te zien, inclusief dolenthousiast Iers publiek. Iedereen zong uit volle borst mee en het was echt fantastisch. De band was fantastisch (de drummer! de trombonist! de zingende-zaagmans!), de liedjes klonken fantastisch en de algehele sfeer was, je raadt het al, echt fantastisch. Zo, dat woord heb ik nu wel genoeg gebruikt ;)


Het moge duidelijk zijn dat mijn tripje na 1 dag al helemaal geslaagd was, maar er zou nóg meer moois komen. Sowieso een fijne traditionele sessie in de kroeg, met liedjes die me deden denken aan mijn periode als Erasmusstudent (zoals Dirty Old Town en Belle of Belfast). Op zaterdag gingen we naar Derry, een stad waar ik nog niet eerder was geweest. Daar hadden ze uiteraard ook een heleboel livemuziek, en ik heb genoten van de gekke leuke locals ;)

Maar op zondag kwam toch echt het hoogtepunt. Ik was iets eerder naar het hostel teruggegaan omdat ik me even wilde opfrissen (en even wat lezen, een momentje voor mezelf). Op een gegeven moment komt er een oudere man het hostel binnenstappen om in te checken voor hemzelf en 'de band'. Wat blijkt nu: die band (Oh Emperor) speelt in het voorprogramma van Kasabian. Ik had mijn stoute schoe.. eh.. sokken aan en vroeg of er nog kaarten waren.. niet dus. Maar die man (de manager/vader van de drummer) geeft me dus een 'guest sticker' waarmee ik gratis naar binnen kan! Hij had er helaas maar 1 over, maar hij zei wel dat als we op tijd waren, hij mijn reisgenootje Adrianne ook mee naar binnen kon nemen...


En zo gebeurde het dus dat we helemaal voor nop in een klein zaaltje (600 mensen) Kasabian hebben gezien! Het was echt waanzinnig, de Ieren werden helemaal gek en de nieuwe nummers klonken best goed. Na twee nummers was ik al doorweekt en ik heb als een malle mee staan zingen... wát een sfeer!
Na afloop droop het zweet/vocht/bier van de muren, zo ontzettend heet was het..

Ik heb nog nooit zoiets cools meegemaakt, Kasabian speelt (zeker in de UK) in erg grote zalen en dit had wel iets weg van een grote pub met bijpassende sfeer.. en dat allemaal met dank aan de manager van Oh Emperor! (Hun muziek is trouwens best ok, het optreden begon matig maar de nummers werden steeds beter)